De staatkunde is een zwaai van vreemde strijdigheden,
Gedoodverfd met den schijn van billijkheid en reden.
Een maalstroom van bedrog voor Ouderdom en Jeugd,
Een doolhof voor ‘t verstand, een valstrik voor de Deugd.
Zij draait een groot geweld van scherp getande raderen
Voor de oogen van het Volk, en dikwijls van ’s Lands Vaderen.
Zij groeit in achterdocht en slinkse veinzerij,
Haar leuze is willekeur, haar einde Dwinglandij.
- Simon Stijl (1731-1804), Staatkunde